Posted on

Hoe kan ik qua voeding het beste voorbereiden op een wedstrijd?

Vaak is een danser/ sporter onzeker over zijn of haar voeding rondom de wedstrijden. Eet ik teveel of te weinig? Wat ik eet, krijg ik daar energie van of onttrekt dat juist energie? Ook speelt lichaamsgewicht een grote rol. Die wil je ondanks je ritme verandert nog in balans houden.

Dansers hebben vaak hun ‘eigen’ voorbereiding op de wedstrijd. Ze houden zich dan aan specifieke producten waaraan ze gewend zijn en prettig bij voelen.

Voor de meeste dansers speelt de laatste maaltijd voor de wedstrijd een belangrijke ‘psychische’ rol. Dansers hebben meestal ook minder eetlust vanwege de spanning rondom de wedstrijd, vooral op de dag van de wedstrijd. Ook komen maag- en darmklachten voor, zoals diarree, een opgeblazen gevoel en overgeven. Het laatste waar je als danser op zit te wachten is, dat je last krijgt van datgene wat je hebt gegeten of gedronken.

Belangrijke punten om mee te nemen wat betreft de laatste maaltijd voor een wedstrijd zijn als volgt:

  1. De laatste maaltijd voor de wedstrijd heeft onder andere als doel de opslag van glycogeen goed aan te vullen en moet daarom bestaan uit koolhydraatrijke producten. Glycogeen is een belangrijke voorraad van energie die je nodig hebt tijdens het sporten.
  2. Wanneer de wedstrijd ’s morgens plaatsvindt is het belangrijk om een goed ontbijt te gebruiken voordat de wedstrijd begint omdat de glycogeenvoorraad in de lever gedurende de nacht uitgeput raakt. Houd hierbij rekening met de tijd van de wedstrijd. Vaste voeding heeft langer tijd nodig om te verteren. Een goed ontbijt bijvoorbeeld 3 uur voor de wedstrijd en 1 uur voor de wedstrijd vloeibare voeding.
  3. Houd rekening met hersteltijd. Ook wanneer de glycogeen voorraad nog niet optimaal is doordat deze tijdens een zware laatste training of door een voorgaande wedstrijd uitgeput is geraakt, speelt de laatste maaltijd voor de volgende wedstrijd een belangrijke rol.
  4. Een ander belangrijk doel van de laatste maaltijd is om te zorgen dat je goed gehydrateerd aan de wedstrijd begint. Gemiddeld moet je ervoor zorgen dat je minstens 2 x 0,5 liter op hebt. Vaak is het goed om voor je laatste maaltijd alvast het hoeveelheid vocht dat je nodig hebt binnen te hebben.
  5. De laatste maaltijd kan helpen om een hongergevoel vlak voor of tijdens de wedstrijd te voorkomen. Honger kan maag- en darmklachten veroorzaken tijdens de wedstrijd.
  6. Het beste tijdstip voor de laatste maaltijd is om deze 2-4 uur voor de wedstrijd te gebruiken. Dan is er voldoende tijd voor de wedstrijd om de maaltijd te verteren zodat de energieleverende voedingsstoffen zijn opgenomen in je lichaam en beschikbaar zijn voor de wedstrijd. Daarnaast zal de maaltijd dan niet ‘in de weg zitten’ tijdens de wedstrijd.
  7. Vetten, vezels en eiwitten kunnen maag- en darmklachten veroorzaken tijdens de wedstrijd. Wanneer je hier last van hebt kan je voedingsmiddelen kiezen die een lager vet, vezel en eiwitgehalte hebben. Oefen hiermee tijdens je trainingen/ wedstrijdsimulaties.
  8. Wanneer je nerveus bent voor een wedstrijd en hierdoor niet of nauwelijks kan eten of wanneer het tijdschema voor een wedstrijd onzeker is, kunnen sportrepen/sportdranken en andere gemakkelijke voeding uitkomst bieden. Ook als je moet reizen voor je wedstrijd, biedt sportvoeding een oplossing.
Posted on

Crash courses!

Continu werken we samen aan verbetering en vernieuwing. In de Crash courses vermengen we het dansen met andere stijlen van sport, dans en muziek om uiteindelijk de kwaliteit te verbeteren. Het is net als de ‘Fusion Cuisine’, we leren door te ontdekken en de verschillende invalshoeken met elkaar te verbinden.

Crash courses doen we 1 avond per week, 2 uur per Crash course inclusief ruimte voor feedback en evaluatie. De feedback gebruiken we weer om het nieuwe onderwerp te verbeteren. De setting van de groep is klein en intiem.

Voorbeelden zijn:

  • Waltz with Yoga Moonpose
  • Capoeira & improvisation skills
  • Salsa shines
  • Shim Sham moves
  • Slow fox to Cha Cha
  • Blues & Lindy Hop
  • Breathe & Feel the Beat
  • Dance & Analyse
  • Balboa & Quick step
Posted on

2017 Winter Drill

In de wintermaanden is het niet altijd makkelijk om door te trainen. Kortere dagen, koudere dagen, minder wedstrijden zijn enkele redenen. Juist in de wintermaanden kunnen we een slag slaan. Daarom is er de Winter Drill. Dit zijn techniekdagen waardoor we het dansen kunnen verbeteren. Elke maand, gedurende 4 weken, staat in teken van een onderwerp en elke week zijn er 2 techniekdagen: op de eerste dag werken we samen met jou aan het gekozen onderwerp, op de tweede dag focussen we op het dansen met als achtergrond de techniek.  Dit doen we in kleine groepen zodat je elkaar kan motiveren en inspireren.

Posted on

What has golf to do with dancing?

See below the instruction for “How to swing a Golf club” and find the similarities in dancing! Think about a reverse (left) turn in Viennese Waltz.

  1. Nothing beats going back to basics. For your body to move as freely as possible, you have to start in balance. Your weight should be in the middles of your feet, both left to right and back to front. Try this three-step routine: (1) Push your hips back, (2) angle your spine toward the ball and (3) flex your knees slightly. Steps 1 and 2 set good posture; Step 3 helps stability. Also, make sure your right side is lower than your left, the ball is in line with the left side of your face (for a middle iron), and the clubface is looking at the target. The back of your shoulder, kneecap and the ball of your foot should line up vertically. A bowler sets up in balance — hips back, torso forward, knees bent — and doesn’t have to re-balance to move.
  2. The various parts of the swing should start back in this order: clubhead, hands, arms, shoulders, hips. Your right arm should stay close to your right side, so don’t force a straight-back takeaway. As the hands pass the right leg, weight should start shifting to the right. When the club reaches parallel to the ground, it should also be parallel to the target line — that shows the club is swinging on the correct arc. The clubface at that point should be toe up, making it square to the swing arc.
  3. The various parts of the swing should start back in this order: clubhead, hands, arms, shoulders, hips. Your right arm should stay close to your right side, so don’t force a straight-back takeaway. As the hands pass the right leg, weight should start shifting to the right. When the club reaches parallel to the ground, it should also be parallel to the target line — that shows the club is swinging on the correct arc. The clubface at that point should be toe up, making it square to the swing arc.
  4. Lead with lower body. The downswing begins with a slight lateral shift, moving the left knee and hip over the left foot. This forward movement causes the arms to drop, returning the right elbow into a position in front of the right hip. Your belt buckle should point at the ball, but your shoulders should still be closed to the target. The forward shift happens with the lower body — your head stays behind the ball. Resist the urge to throw the club from the top, maintaining your wrist hinge as you start down.
  5. Follow through: extend and rotate. Both arms are fully extended, and the right shoulder is down, not turning level with the left. Although straight, your arms should be starting to swing back to the inside; they point down the line for a split second before turning inside. Your right knee should be kicking inward, closing the gap with your left knee, and your left leg should be straight, providing a firm brace to hit against. The clubhead is still below your hands, proving the wrists have not flipped to help the ball into the air.
  6. Keep right side moving: The right side has rotated past the left so the right shoulder is the part of the body closest to the target. Momentum has carried the hands behind the head, and the arms are soft and folded. Check these key positions: Your right foot is up on its toes, your body weight has fully transferred into your left heel, and your belt buckle points at or left of the target. Your shoulders should have turned more than your hips, indicating a full upper-body release. You should be comfortably balanced, as you were at address.
Posted on

10 Reasons Why Yoga Helps a Dancer

  1. Yoga has a positive influence on the posture and poise which leads to perfect balance.
  2. Yoga creates body awareness and increases the proprioception (lots of precise footwork).
  3. Yoga is a combination of physical and breathing techniques that help keep the body healthy and the mind calm.
  4. Yoga tones the muscles and keeps joints flexible – so incorporate yoga practice into your routine early enough in your dance life.
  5. Yoga asanas, practiced with awareness, teach a dancer to link breath and movement, which in turn helps harness the energy breath gives. The result? Higher energy levels and the stamina needed to perform for long hours, or for executing challenging or energetic dance sequences with more respiratory ease and grace. And less breathlessness!
  6. Helps dancers maintain their flexibility and focus and execute challenging sequences with more poise, resilience and balance.
  7. Boosts confidence and creativity- qualities essential for performances and when choreographing.
  8. Reduces risks of dance-related injuries and overuse injuries.
  9. Helps deal with pre-concert and/or on-stage nervousness. So does meditation.
  10. Especially helpful if you are getting back to dance after a longish break.
Posted on

How to practise?

After all the theoretical knowledge we have to practise to get the knowledge into the body. In order to really dance in the way it is described, we need to have correct repetition in the basic movements. To become a better skilled dancer, we need to practise solo besides the practising together with partner.

On different sites like http://www.danceplaza.com/ you can find practice locations.

Most important is to maintain a weekly schedule which combines practising technique with physical output for stamina. The best stamina practice is competing during dance competitions or interval training with other sports, in particular running.